HomeNieuwsImmigratie heeft voordelen, maar voor het leefmilieu is de balans negatief
23
apr
2019

Immigratie heeft voordelen, maar voor het leefmilieu is de balans negatief

appartemensgebouw

'Als we de groei van het ruimtegebruik in Vlaanderen willen remmen, moeten we ook durven spreken over de rol die bevolkingsgroei daar in speelt. Bevolkingsgroei heeft voordelen, maar niet voor onze groene ruimte', schrijft N-VA-jongerenvoorzitter Tomas Roggeman.

Dat de ruimte in Vlaanderen op raakt, is een open deur intrappen. Ons lapje grond tussen Noordzee en Maas wordt steeds drukker bewoond. Eurostat leert ons dat ons land 1,1 miljoen inwoners rijker geworden is van 2000 tot 2017. Daarvan zijn 823.000 inwoners op conto te schrijven zijn van nettomigratie. Om deze nieuwkomers te huisvesten hebben we dus in enkele jaren een woningaanbod moeten bijbouwen equivalent aan Gent, Antwerpen en Vilvoorde samen.

De ruimtelijke impact is enorm. Bevolkingsgroei drijft de vraag en dus de vastgoedprijzen op, terwijl samenlevingsproblemen groeien. Tweeverdienersgezinnen en de middenklasse laten de dure centra achterwege en geven gehoor aan de lokroep van de rustige buitenwijken, waar het ruimtegebruik groter is. Inbreidingsprojecten ten spijt is het bebouwde woonoppervlak in Vlaanderen van 2000 tot 2017 toegenomen met 20% (cijfers MIRA).

Bevolkingsgroei is een van de drijvende krachten achter verlies van natuur in Vlaanderen. In deze groei is migratie met voorsprong de belangrijkste factor. Dat ideologisch gekleurde klimaatbewegingen zwijgen over deze inconvenient truth is logisch. Het is objectief onmogelijk om voor natuurbehoud te zijn en tegelijk voor open grenzen. Je kan geen honderdduizenden nieuwe bewoners in een land opnemen zonder kouters te verkavelen of bossen te kappen.

De verantwoordelijkheid hiervoor ligt vanzelfsprekend niet bij de nieuwkomers, maar bij het beleid. De betonstop is een belangrijke stap om het ruimtegebruik per gezin in te dammen, waar vooral autochtone Vlamingen betrokken partij zijn. Maar de keerzijde van de medaille is bevolkingsgroei, en die blijft ongemoeid. Verdichting kan de impact verzachten maar is geen duurzame uitweg. Zelfs al gaat iedereen kleiner wonen, dan nog zal bevolkingsgroei steeds nieuwe woonruimte vereisen en die raakt vroeg of laat op. Als puntje bij paaltje komt, is open ruimte onverzoenbaar met open grenzen.

Dit spanningsveld tussen bevolkingsgroei en natuur zet zich door op andere vlakken. Als de samenleving slaagt in haar grote opdracht van huisvesting van nieuwkomers, moeten deze in het beste geval ook een job vinden. Dat betekent onvermijdelijk het uitbreiden van bedrijventerreinen, vroeg of laat ook ten koste van natuur. Voorstanders van open grenzen die indirect de noodzaak aan grotere jobcreatie toejuichen, zijn dan vaak de eersten om te protesteren.

Als nieuwkomers een woning en job hebben, hebben ze vervoer nodig tussen beiden. Het probleem is bekend: er was nog nooit zoveel deeltijds werk en telewerk, maar toch zijn ook de files langer. Logisch, want sinds de jaren '80 zijn er quasi geen nieuwe snelwegen gebouwd, terwijl de bevolking wel toenam met anderhalf miljoen inwoners. Voor de bouw van nieuwe snelwegen is er draagvlak noch ruimte. Biedt de trein een alternatief? Amper: het spoornet is vandaag 500 km korter dan in 1980. Probeer vandaag in de Vlaamse ruit maar eens een nieuwe spoorlijn aan te leggen zonder honderden woningen te onteigenen en af te breken. Intussen drijft bevolkingsgroei de vervoersvraag steeds verder op , met alle gevolgen van dien voor uitstoot en luchtkwaliteit.

De conclusie ligt voor de hand: Vlaanderen botst op haar demografische grens. Immigratie heeft voordelen, maar voor het leefmilieu is de balans negatief. Vele milieu- en klimaatbewegingen zwijgen liever over de impact van bevolkingsgroei. Maar wie onze open ruimte wil redden, moet ook hier keuzes durven maken.